Laatste update van deze site: 28 mei 2017.
BedrijfseconomischeBegrippen.nl
BedrijfseconomischeBegrippen.nl
Synoniemen, homoniemen,
misconcepties, en anglicismen
  A     B     C     D     E     F     G     H     I  
  J     K     L     M     N     O     P     Q  
  R     S     T     U     V     W    X/Y     Z    

Bedrijfseconomische termen: E

  
Indexpagina

Economie

Economisch principe

Economische groei

Economische voorraad

Economische waarde

Eenheid

Eenmalige baten

Eenmalige lasten

Eenmanszaak

Effecten

Effectenbeurs

Effectenorder

Effectief

Efficiënt

Efficiencyresultaat

Efficiencyverschil

Efficiëntieresultaat

Efficiëntieverschil

EG-richtlijnen

Eigendom

Eindbalans

Eigen vermogen

Eigenvermogens-instrument

Eindproducten

Eindwaarde

Emissiekosten

Emissieprijs

Emissie-uitgaven

Endorsement

Enforcement

Equity theory

Escrow

Escrow-agent

Europese optie

Europese Verordening

Exposure draft

Externe verslaggeving

Extra-role gedrag

Extrinsieke beloning

Extrinsieke motivatie

  Top Omhoog Top
 

Vakdidactische termen     

Economische notie

Economisch inzicht

Eenheid

Evalueren

Expert

  Top Omhoog Top
 

Afkortingen                        

EBIT

EBITA

EBITDA

ECB

Ecofin

ED

EFRAG

EPC

EPS

ESG

EVA

  Top Omhoog Top
 
  

Omschrijving begrippen met een E

Economie  Top
  1. Overkoepelende naam voor Algemene Economie en Bedrijfseconomie. Deze naam is in gebruik bij universiteiten die een doctoraalopleiding Economie verzorgen.

    Die opleiding kan een specialisatie in Algemene Economie inhouden, maar ook een specialisatie in Bedrijfseconomie.

  2. Synoniem voor Algemene Economie. Dit geldt met name voor het voortgezet onderwijs, waar een vak Economie is opgenomen in het programma dat zich geheel beperkt tot onderwerpen uit de Algemene Economie.

    De bedrijfseconomische onderwerpen zijn ondergebracht in het vak Management & Organisatie / Bedrijfseconomie. Leerlingen krijgen daardoor een verkeerd beeld van de opleiding Economie aan de universiteit.

  3. Nederlandse benaming voor de Angelsaksische term Economics. Aan Amerikaanse en Engelse universiteiten staat Economics naast Business Studies (combinatie van bedrijfseconomie en bedrijfskunde) en omvat econometrie, algemene economie en financiële economie.

    Met de invoering van de Master-opleidingen ontstaan in Nederland ook universiteiten (zoals de Universiteit van Maastricht) die zich organiseren op basis van de Angelsaksische benaming.

  4. Synoniem voor Bedrijfseconomie. Dit geldt met name voor de journalistieke wereld.

    In het journaal op teevee en op de economische pagina’s (en katernen) van de kranten heeft de term Economie betrekking op de externe verslaggeving van bedrijven en op de ontwikkeling van de beurskoersen.
Economisch principe  Top
Het economisch principe is op twee manieren te omschrijven:
  1. Het bereiken van een maximaal doel met gegeven middelen

  2. Het bereiken van een vastgesteld doel met een minimum aan middelen.
Economische groei  Top
  1. Toename van de effectieve vraag, dat wil zeggen de bestedingen die in een land plaats vinden. De omvang van de productiecapaciteit wordt daarbij als vaststaand opgevat {Macro Economie}.

  2. Toename van de productiecapaciteit, ongeacht de ontwikkeling van de effectieve vraag {Macro Economie}.
Economische voorraad  Top
  1. De waarde van de goederen die volgens de boekhouding op een bepaald tijdstip aanwezig is in het magazijn [euro]. De feitelijke waarde van de voorraad kan hiervan afwijken (bijvoorbeeld door diefstal).

  2. De voorraad waarover de onderneming prijsrisico loopt in het kader van de gewone bedrijfsvoering.

    Dit aantal kan om twee redenen afwijken van de technische voorraad: leveringsverschillen (wel verkocht, maar nog niet geleverd bijvoorbeeld) en boekingsverschillen (bijvoorbeeld door toepassing van voorraadsystemen als FIFO of LIFO of Vervangingswaarde) [stuks] of [euro].

    Prijsrisico die voortvloeit uit termijntransacties of afdekking van prijsrisicovia termijntransacties vallen buiten deze definitie.

  3. Voorraden die deels fysiek worden afgehandeld op basis van fair value en deels vanwege hedging worden aangehouden, d.w.z. als termijntransactie die niet de intentie heeft om fysiek afgehandeld te worden.

    Het gaat dan om 'derivaten' die volgens de regels voor derivaten gewaardeerd moeten worden. [euro]

  4. Synoniem: voorraad.
Economische waarde  Top
  1. Waarde die een goed bezit in het vrije economische verkeer, d.w.z. in een situatie waar vragers en aanbieders samen de prijs van een goed kunnen bepalen. {Micro-economie}

  2. Contante waarde van een bedrijf of project op basis van de te verwachten ingaande en uitgaande kasstromen. {Besliskunde}

  3. De aandeelhouderswaarde van een onderneming. Zie Economic Value Added. {Management Accounting en Financiering}
Eenheid  Top
  1. Een enkel exemplaar van iets.

  2. De aanduiding van de betekenis van een grootheid: de dimensie. Elke grootheid heeft een notie, een naam, een waarde en een dimensie (of eenheid). De eenheid is de dimensie waarmee de waarde van een grootheid begrijpelijk wordt.

    Bij afstand, bijvoorbeeld, hoort ‘meters’ of ‘kilometers’ en bij snelheid ‘meter per seconde’ of ‘kilometer per uur’. Die aanduiding geeft betekenis aan de mededeling dat iemand bijvoorbeeld 60 rijdt.

    Ook bij de bedrijfseconomie horen eenheden: een verkoopprijs is uitgedrukt in ‘euro per stuk’ en de afzet in ‘stuks per jaar’. Vaal verwaarlozen economen de eenheid door hem niet of onvolledig te benoemen.

    Voor uitgebreidere informatie zie het overzicht van eenheden. Voor nadere informatie zie de publicatie: De toetsende tucht van de dimensieanalyse.
Eenmalige baten/ lasten  Top
Opbrengsten (of verliezen) die incidenteel zijn en buiten de normale bedrijfsvoering vallen.

Zij kunnen bijvoorbeeld voortvloeien uit verkoop van vaste activa voor zover die reeds afgeschreven waren, of opbrengsten die voortvloeien uit fusies of overnames.

Synoniem: incidentele winsten of verliezen.

Eenmanszaak  Top
Juridische vorm om het eigendom te regelen in een bedrijf waar een persoon de zeggenschap heeft.

Een eenmanszaak kan dus wel honderd mensen in dienst hebben, maar zolang er een persoon is die het eigen vermogen van de onderneming beheert, is er juridisch sprake van een eenmanszaak.

Effecten  Top
Papieren die een waarde vertegenwoordigen en die vrij verhandelbaar zijn, zoals aandelen en obligaties. De belangrijkste plaats voor de handel in effecten is de effectenbeurs.

Effectenbeurs  Top
  1. De plaats waar kopers en verkopers van effecten (aandelen en obligaties) samenkomen.

  2. Het virtuele netwerk dat onder beheer staat van een beurscommissie en dat ten dienste staat aan geregistreerde kopers en verkopers van aandelen en obligaties.

  3. Synoniem: Beurs, vooral in termen als beursbedrijf en beursgang.
Effectenorder  Top
Opdracht aan een beurshandelaar om effecten te kopen of te verkopen. Die order kan zijn een bestens-order, een limietorder of stop-order.
 
Effectief  Top
Effectief wil zeggen dat een persoon of organisatie activiteiten verricht die het doel van die persoon of organisatie realiseren.

Midas Dekkers heeft ooit gezegd dat de natuur wel effectief is, maar niet efficiënt. Zaadjes, vruchten, e.d. zijn in bovenmatige aantallen aanwezig, maar zijn wel effectief in de voortplanting.

Efficiënt  Top
Efficiënt wil zeggen dat ervoor gezorgd wordt dat een inspanning met zo weinig mogelijk tijd of geld uitgevoerd wordt. Een maatregel is soms wel efficiënt, maar daarmee nog niet altijd effectief.

Efficiëntieresultaat (efficiencyresultaat)  Top
  1. Nacalculatorisch: In geld uitgedrukte waarde van het gemeten efficiëntieverschil dat tijdens de productie is opgetreden:
    SP x (SH - WH) d.w.z. standdaardprijs x (efficiëntieverschil).

    De dimensieanalyse die hierbij hoort luidt:
    *  grondstoffen: [euro/kg x kg/periode =euro/periode] zie voorts: bedrijfseconomische-modellen.nl  {Kostencalculatie} .

    *  arbeid: [euro/uur x uren/periode =euro/uur] zie voorts: bedrijfseconomische-modellen.nl {Kostencalculatie} .

  2. Voorcalculatorisch: In geld uitgedrukte waarde van het te verwachten efficiëntieverschil. Omwille van de eenvoud wordt het voorcalculatorische efficiëntieresultaat doorgaans gelijk gesteld aan € 0,-.

  3. Misconceptie: efficiëntieverschil.
Efficiëntieverschil (efficiencyverschil)  Top
  1. Nacalculatorisch: Hoeveelheid grondstoffen of arbeidsuren die achteraf gezien teveel of te weinig is verbruikt tijdens het productieproces:
    (SH - WH) d.w.z. standaardhoeveelheid minus werkelijke hoeveelheid.

    De standaardhoeveelheid is gelijk aan (WE x SV p.e.) d.w.z. het werkelijk aantal geproduceerde eenheden x het standaardverbruik per eenheid.

    De dimensieanalyse die hierbij hoort luidt:
    *  grondstoffen: [stuks/periode x kg/stuk =kg/periode] zie voorts:   bedrijfseconomische-modellen.nl grondstoffen  {Kostencalculatie} .

    *  arbeidsuren: [stuks/periode x uren/stuk =uren/periode] zie voorts:   bedrijfseconomische-modellen.nl arbeid {Kostencalculatie}.

    De werkelijke hoeveelheid is gelijk aan het geregistreerde verbruik [kg/periode] of [uren/periode].

  2. Voorcalculatorisch: Hoeveelheid grondstoffen of arbeidsuren die naar verwachting teveel of te weinig zullen worden verbruikt tijdens het productieproces.

    Omwille van de eenvoud wordt het voorcalculatorische efficiëntieverschil doorgaans gelijk gesteld aan € 0,-.

  3. Misconceptie: efficiëntieresultaat.
EG-richtlijnen  Top
Aanvankelijk heeft de Europese Commissie geprobeerd om zelf richtlijnen voor de jaarverslaggeving uit te vaardigen, zodat internationale vergelijking mogelijk werd. Deze richtlijnen moesten in elk land afzonderlijk vertaald worden in nationale wetten.

In februari 2001 heeft de Europese Commissie in de Europese Verordening het voorstel gedaan om aan te sluiten bij de IAS (International Accounting Standards), die sinds mei 2002 zijn opgevolgd door de IFRS (International Financial Reporting Standards).

Voor de besluitvorming binnen Europees verband is daartoe als politiek adviesorgaan de ARC opgericht en als technisch adviesorgaan het EFRAG.

Eigendom  Top
  1. Bedrijfsmiddelen die toebehoren aan de onderneming en die als activa op de balans staan vermeld [euro] {Bedrijfsadministratie}.

    Synoniem, maar tevens misconceptie: Bezittingen.

  2. Goederen die juridisch gezien aan iemand toebehoren ongeacht de vraag of die persoon ze ook in zijn of haar bezit heeft. {Juridische betekenis}.
Eigen vermogen  Top
  1. Bij een BV en een NV gaat het om het deel van het vermogen dat toebehoort aan de onderneming [euro] {Interne en Externe Verslaglegging}.

  2. Bij een eenmanszaak en andere vormen die geen eigen rechtspersoonlijkheid hebben, gaat het om het deel van het vermogen van de onderneming dat door de eigenaren beschikbaar is gesteld.

  3. De post of de groep van posten op de creditzijde van de balans die volgens de boekhouding het vermogen aangeeft dat niet door buienstaanders beschikbaar is gesteld.

    Posten zoals ‘ Prive’ en ‘ Winst of verlies lopend boekjaar’ moeten dan nog verrekend worden om uit te komen bij betekenis 1 of betekenis 2.

  4. Synoniem: vermogen {Kameraalstijl, dus verenigingen e.d.} .

  5. Misconceptie: Kapitaal, ook al schrijft de wet voor dat het ‘aandelenvermogen’ als ‘aandelenkapitaal’ op de balans komt te staan.
Eigenvermogensinstrument  Top
Financiële instrumenten die invloed kunnen hebben op de omvang van het eigen vermogen. Bijvoorbeeld opties op aandelen van eigen personeel, of inkoop van eigen aandelen.

Eindbalans  Top
De balans van een onderneming aan het einde van het boekjaar. In principe is de eindbalans identiek aan de beginbalans van het daaropvolgende boekjaar.

Maar als een bedrijf ophoudt te bestaan, failliet gaat, fuseert of overgaat in een andere juridische vorm, kan de eindbalans ook de laatste balans van het bedrijf zijn.
Eindproducten  Top
Aanduiding van de producten die in een bedrijf tot stand komen.

Het gaat er dan om een term te gebruiken die naast tussenproducten of halffabrikaten aanduidt dat het product gereed is gekomen.

Uiteindelijk zijn het dus gewoon de producten die een bedrijf voortbrengt {Kostencalculatie}.

Eindwaarde  Top
Term uit de financiële rekenkunde: de waarde van een bedrag dat een aantal jaren op interest wordt uitgezet.

Voorbeeld: 1000 euro nu, is over drie jaar 1000 x (1,06) x (1,06) x (1,06) = 1000 x (1,06)3 waard.

Dit is de tegengestelde bewerking van de contante waarde: daar wordt vanuit de eindwaarde door herhaalde deling met de interestfactor de huidige waarde van een bedrag berekend.

Synoniem: Doelvermogen.

Emissiekosten  Top
  1. Misconceptie: [bedrag gemeten in euro] kostenmoet zijn: uitgaven, want feitelijk zijn het emissie-uitgaven.

    Vergelijk ook met andere kosten die geen kosten zijn, zoals: installatiekosten, sloopkosten en transactiekosten.

  2. Kosten als gevolg van de toerekening van emissie-uitgaven aan het bedrijfsresultaat van een bepaalde periode [euro/periode].
Emissieprijs  Top
Prijs waarvoor effecten (aandelen en obligaties) op de markt worden gebracht.

Synoniem: uitgifteprijs.

Emissie-uitgaven  Top
Uitgaven voor het emitteren van aandelen [euro].

Endorsement  Top(Anglicisme)
De wettelijke acceptatie van een richtlijn voor de jaarverslaglegging van naamloze vennootschappen. In het kader van IFRS zijn binnen de Europese Unie richtlijnen aangenomen voor de opzet en uitwerking van de jaarverslagen.

Deze Europese richtlijnen moeten verankerd worden in de nationale richtlijnen van elk land afzonderlijk. Pas daarna zijn ze verplicht voor de naamloze vennootschappen die genoteerd zijn aan de nationale effectenbeurs.

Deze bedrijven kunnen kiezen of ze hun jaarverslag uitbrengen volgens IFRS of volgens de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving.

Landen die zich houden aan dezelfde richtlijnen vormen een Verslaggevingsblok.

Enforcement  Top(Anglicisme)
Het toezicht op de kwaliteit van de financiële verslaggeving om te zien of deze voldoet aan de wettelijke regelingen. Meestal uitgevoerd via instanties die aan de effectenbeurs en de optiebeurs verbonden zijn.

Op de Nederlandse beurs is de AFM (Autoriteit Financiële Markten) verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de wettelijke en bestuurlijke regels.

Equity theory (Anglicisme)
De equity theory veronderstelt dat mensen hun prestaties omlaag schroeven of zelfs compensatie zoeken dmv tijdsverlies of diefstal als zij van mening zijn dat hun inbreng onvoldoende wordt gewaardeerd en/of gehonoreerd.

De equity theory is een onderdeel van het HRM.

Escrow(Anglicisme)
Een escrow agreement staat voor een bankgarantie die toegesneden is op de wensen van een koper van goederen of diensten.

Een koper deponeert een som geld bij een financieel bemiddelaar (escrow-agent) die na levering en acceptatie wordt overgedragen aan de verkoper.

Tot de afspraken behoren strikte condities over de oplevering en een regeling van de interest over het geld dat gedeponeerd is bij de financiële bemiddelaar.

Vooral bij complexe opdrachten, zoals software e.d. is het een manier om een kwalitatief goede oplevering te garanderen voordat betaling plaats vindt.

Escrow-agent  Top (Anglicisme)
Een bank of andere financiële instelling die een escrow afgeeft.

Europese optie  Top
Optie die tussentijds niet kan worden uitgeoefend, maar alleen op het eind van de looptijd (de afgesproken datum of uitoefendatum). Dit in tegenstelling tot de Amerikaanse optie.

Europese Verordening  Top
De Europese Verordening is een belangrijk document voor de externe verslaggeving. In dit document bepaalde de Europese Commissie dat IAS (Internationa Accounting Standards) verplicht zijn voorgeschreven voor de geconsolideerde jaarrekening van Europese beursfondsen.

Inmiddels zijn de IAS opgevolgd door de IFRS waarin accountantsorganisaties en beursorganisaties gezamenlijke regels hebben geformuleerd voor de verslaggeving.

Doordat de Europese Commissie zich aansloot bij deze particuliere regelgeving verviel de noodzaak om verdere EG-Richtlijnen uit te vaardigen die elk land afzonderlijk in zijn wetgeving zou moeten opnemen.

Om te zorgen dat de IAS/IFRS passen binnen de bestaande Europese regelgeving is de EFRAG (European Financial Reporting Advisory Group) geïnstalleerd.

Exposure Draft (Anglicisme)  Top
Een Exposure Draft is een voorstel om te komen tot een IFRS (International Financial Reporting Standard).

De IASB heeft in haar werkplan drie soorten projecten die moeten leiden tot uniforme regels voor grote beursfondsen: ‘actieve projecten’, ‘onderzoeksprojecten’ en ‘overige onderwerpen’.

Zie IFRS 2004/2005, een special voer politieke en inhoudelijke ontwikkelingen met betrekking tot IFRS van Deloitte (auteurs R.L. ter Hoeven, C.J.A. van Geffen en E.H. Bos).

Externe verslaggeving  Top
  1. Berichtgeving van bedrijven (in het bijzonder naamloze vennootschappen) aan hun aandeelhouders en andere partijen waar zij zaken mee doen (zoals vakbonden, ministeries, publiek).

    De berichtgeving betreft meestal de jaarrekening en het jaarverslag van de directie.

    Om buitenstaanders de mogelijkheid te bieden bedrijven onderling te vergelijken heeft de overheid modellen opgesteld waaraan de vormgeving van de jaarrekening moet voldoen.

  2. Subdiscipline in de bedrijfseconomie die zich in het bijzonder bezig houdt met de berichtgeving aan derden.
Extra-role gedrag  Top
Het gedrag dat nuttig is binnen een organisatie, maar dat niet in de functieomschrijving is vastgelegd.

In een PFP (pay for performance) beloningssysteem vindt salarisbetaling plaats op basis van vergoeding voor het leveren van de activiteiten die in de functieomschrijving zijn vastgelegd.

Nadeel is dat mensen weinig tijd willen besteden aan activiteiten, zoals onderlinge advisering of personeelsactiviteiten die nuttig zijn voor de samenhang in een organisatie, maar die niet formeel in een functieomschrijving opgenomen kunnen worden.

Extrinsieke beloning  Top
Een extrinsieke beloning wordt in geld uitgedrukt of kunnen in geld omgezet worden, zoals bonussen in contanten, aandeelopties en winstdelingen.

Prestatiebeloning
is meestal een vorm van extrinsieke beloning. Tegenover de  extrinsieke beloning staat de intrinsieke beloning.

Extrinsieke motivatie  Top
Motivatie die mensen hebben voor het leveren van een prestatie op basis van een beloning die hen wordt voorgehouden: een diploma, een geldbedrag of enige andere materiële of immateriële (bijvoorbeeld de status of de  familie-eer) tegemoetkoming.

Tegenover extrinsieke motivatie staat intrinsieke motivatie.
 

Vakdidactische termen

Economische notie  Top
De beoordeling van verschijnselen vanuit economisch perspectief, dat wil zeggen dat je let op de waarde die aan de verschijnselen is toe te kennen of dat je let op de financiering ervan.

Sommige goederen of diensten zijn heel waardevol, maar toch kun je ze niet aanschaffen omdat je ze niet kunt financieren.

Voorbeelden van concrete economische noties zijn te vinden bij de items afval en zebra.

Economisch inzicht  Top
Zicht hebben op de samenhang tussen specifieke economische situaties en algemeen geldige economische situaties.

Deze algemeen geldige situaties zijn niet universeel, maar gebonden aan kenmerken zoals bedrijfstype, subdiscipline, dimensies en gekozen methodiek.

Om economisch inzicht te ontwikkelen moet je dus kennis verwerven van algemeen geldige economische situaties en daar een correcte mentale voorstelling van ontwikkelen.

Eenheid  Top
  1. Een enkel exemplaar van iets.

  2. De aanduiding van de betekenis van een grootheid: de dimensie.
Elke grootheid heeft een naam, een waarde en een eenheid. De naam krijgt betekenis dankzij een (conceptuele) definitie. De eenheid is de dimensie waarmee de waarde van een grootheid begrijpelijk wordt.

Bij afstand hoort ‘meters’ of ‘kilometers’ en bij snelheid ‘meter per seconde’ of ‘kilometer per uur’. Die aanduiding geeft betekenis aan de mededeling dat iemand bijvoorbeeld 60 rijdt.

Ook bij de bedrijfseconomie horen eenheden: een verkoopprijs is uitgedrukt in ‘euro per stuk’ en de afzet in ‘stuks per jaar’. Daar door wordt de omzet (= verkoopprijs x afzet) uitgedrukt in ‘euro per jaar’.

Voor uitgebreidere informatie zie het overzicht van eenheden. Voor nadere informatie zie de publicatie: De toetsende tucht van de dimensieanalyse.

Evalueren  Top
Nagaan of je kennis is toegenomen na het oplossen van een vraagstuk en of er geen tegenstrijdigheden blijven hangen in je hoofd.

Een opgave houdt niet op als je de uitkomst gevonden hebt. Het gaat er juist om dat de kennis in je hoofd toeneemt. Dus moet je nagaan of de nieuwe kennis op de goede plek terecht is gekomen en of er geen strijdige indrukken blijven hangen.

Je moet de mentale voorstelling die je hebt van de bedrijfseconomie op correcte wijze verder ontwikkelen.

Evalueren is de laatste stap in een systematische probleem aanpak (SPA).

Expert  Top
Specialist op een bepaald vakgebied die in staat is om zijn kennis en zijn vaardigheden op effectieve en efficiëte wijze in te zetten. Centraal staan details die als alarmsignalen functioneren zonder dat de specialist het zich bewust is.

Bijvoorbeeld: Een man komt het park uitgelopen met een racket in zijn ene hand en een tennisbal in zijn andere hand. In het park is een mooie tennisbaan en een grote vijver.

Wat is hier aan de hand?
- die man gaat tennissen;
- die man heeft zijn hond uitgelaten;
- die man is wezen vissen;
- die man heeft getennist.

Een expert ziet het meteen. Die man heeft zijn hond uitgelaten, want iemand die naar de tennisbaan gaat, heeft zijn tennisspullen niet in zijn handen, maar in zijn tas.

Afkortingen

EBIT (Anglicisme)  Top
Ebitda staat voor Earnings Before Interest and Taxes. In feite gaat het dus om het bedrijfsresultaat voor aftrek van de interest en de vennootschapsbelasting [euro/periode] {Externe Verslaggeving}.

EBITA (Anglicisme)  Top
Ebita staat voor Earnings Before Interest, Taxes and Amortisation (o.a. afschrijving of afboeking op immateriële vaste activa zoals goodwill). Het verschilt alleen op het gebied van de afschrijvingen met EBITDA.

EBITDA (Anglicisme)  Top
Ebitda staat voor Earnings Before Interest, Taxes, Depreciation (afschrijving op materiële vaste activa) and Amortisation (o.a. afschrijving of afboeking op immateriële vaste activa zoals goodwill). Op de financiële pagina’s van de kranten is dit een maatstaf voor:
  1. Het operationeel resultaat voor aftrek van rente op vreemd vermogen, belastingen, afschrijvingen op duurzame activa en afschrijving op goodwill, [euro/periode] {Externe Verslaggeving}.

    Het is zowel in gebruik bij handelsondernemingen, zie: bedrijfseconomische-modellen.nl als bij industriële ondernemingen, zie: bedrijfseconomische-modellen.nl.

  2. De cashflow plus rente op vreemd vermogen [euro/periode] {Externe Verslaggeving}.

  3. Misconceptie: brutowinst, want een deel van de bedrijfskosten is al in mindering gebracht op de omzet.
ECB  Top
ECB staat voor: Europese Centrale Bank.

Ecofin  Top
Europese Raad van Ministers van Financiën. Zij hebben een belangrijke stem bij de invoering van de Europese Verordening die gericht is op de uniformering van de externe verslaggeving voor grote beursfondsen.

ED: zie exposure draft (Anglicisme)

EFRAG  Top
De European Financial Reporting Advisory Group is de technische adviesgroep binnen de Europese goedkeuringsprocedure.

Gesteund door een TEG (Technical Expert Group) ondersteunt deze organisatie de toepassing van de Europese Verordening om IAS/ IFRS in te voeren voor de grote Europese beursfondsen.

De politieke adviesgroep, die de feitelijke voorstellen formuleert, is de ARC (Accounting Regulatory Committee).

EPC  Top
EPC staat voor European Payment Council die verantwoordleijk is voor de regulering van de internationale betalingen binnen Europa.

EPS (Anglicisme)  Top
EPS staat voor Earnings per share, ofwel de nettowinst per aandeel: nettowinst gedeeld door het gemiddeld aantal uitstaande aandelen.

Prestatiemaatstaf (performance criterium) voor de vergelijking van ondernemingen [euro/periode/aandeel, gemakshalve uitgedrukt als: euro/aandeel].

Synoniem:
Winst per aandeel (WPA). {Externe Verslaggeving}

ESG (Anglicisme)  Top
ESG staat voor Environmental, Social and Governance factors: beleggen op een maatschappelijk verantwoorde wijze, ofwel groen beleggen (variant 1).

Een soortgelijke vorm is beleggen op basis van SRI: Socially Responsible Investing. Insitutionele beleggers die zich hierop richten, kunnen zich aansluiten bij het PRI.

EVA (Anglicisme)  Top
EVA staat voor Economic Value Added. Dit is de nettowinst na correctie voor diverse factoren. Maatstaf om de zuivere waardecreatie van een onderneming te meten.

Een van de correcties betreft de berekening van een vereist rendement op het eigen vermogen. Daarom werkt men hier met de vermogenskosten en niet alleen met het interest vreemd vermogen.

 
Onderwijs-En-Banen
Portal Onderwijs En Banen
 
Bezoekers op deze pagina sinds 27 mei 2017:
27 bezoekers (1 vandaag, 9 deze week, 20 deze maand, 27 dit jaar)
 
De bedoeling van deze website
De website bedrijfseconomischebegrippen.nl is de smartphone-versie van bedrijfseconomische-begrippen.nl.

Zij is gekoppeld aan bedrijfseconomische-modellen.nl en aan vakdidactiek-bedrijfseconomie.nl, maar die websites zijn meer geschikt voor tablet en lap-top.

Deze site is handig voor leerlingen, docenten en beroepspersonen omdat zij inzicht geeft in de manier waarop economen werken met homoniemen, synoniemen, misconcepties, anglicismen en afkortingen.

Vooral opgaven in bedrijfseconomische leerboeken bevatten vaak simpele en daardoor onjuiste begrippenstructuren. Het motto van deze site is dan ook: "Leren omgaan met slordig woordgebruik".

Mocht u tips of hints hebben dan ontvangen wij die graag via de webmaster.
 
Informatie over opleidingen
Universiteiten | Onderwijsportaal
 
Informatie over banen
Banen Per Stad | Vacatures Onderwijs
 
Site van Fons Vernooij: fons-vernooij.nl
Copyright © 1998 by Fons Vernooij e.a.

Wij volgen de Google-policy en zijn niet
verantwoordelijk voor de advertenties van Google en de verwerking van de informatie
(zie: Hoe Google uw gegevens gebruikt).

Registratienummer V.O.F. Adviesbureau CASA: KvK Rijnland: 58884114 / BTW 8532.22.848

Webmaster: Fons Vernooij

Info over privacy en cookies: Privacy-policy

Leveringsvoorwaarden: bijgaand document