Logo Doing Business
Doing Business
Laatste update: 31 januari 2012. Aantal bezoekers op deze pagina sinds 31 juli 2008:
6,907 bezoekers (6 vandaag, 49 deze week, 25 deze maand, 263 dit jaar)

Bedrijfseconomische-begrippen.nl

bedrijfseconomische-begrippen.nl / bedrijfseconomischebegrippen.nl

Synoniemen - Homoniemen - Misconcepties - Anglicismen - Afkortingen

 
  A     B     C     D     E     F     G     H     I     J     K     L     M     N     O     P     Q     R     S     T     U     V     W     X     IJ     Z  
 
Portals   /   Onderwijsportaal.nl   /   Universiteit.nl   /   Vacatures
Zie ook:   bedrijfseconomische-modellen.nl   en:   vakdidactiek-bedrijfseconomie.nl
 
 
logo Vacatures en Advertenties
Overzicht vacatures
Homepage

Fabricagekosten

Fabricagekostprijs

Faillissement

Fair value

Financieel actief

Financiële instrumenten

Financiële vaste activa

Financiële verplichting

Financier

Financieren

Financiering

Fiscale balans

Fiscale waarde

Fonds

Fondskoers

Functie

Functionele kosten

Fusie

Vakdidactische termen
Formule

Functievoorschrift

Fundamentele vraagstukken

Afkortingen
FASB

FIFO

FMS
Omschrijving van de begrippen met een F
Fabricagekosten
  1. Alle kosten die nodig zijn om een product te maken, exclusief verkoopkosten [euro/periode]. Zie ook: bedrijfseconomische-modellen.nl {Kostencalculatie}.
    Synoniem: productiekosten.
  2. Alle kosten die nodig zijn om een product te maken, exclusief algemene kosten en verkoopkosten [euro/periode] {Externe Verslaggeving}.
Fabricagekostprijs
  1. Toegestane fabricagekosten per eenheid product bij massaproductie [euro/stuk]. Zie ook: bedrijfseconomische-modellen.nl {Kostencalculatie}. Zie ook: commerciële kostprijs en standaardkostprijs.
  2. Verwachte fabricagekosten per eenheid product bij stukproductie [euro/stuk] {Kostencalculatie}.
  3. Misconceptie: werkelijke fabricagekosten per eenheid product [euro/stuk] {Kostencalculatie}.
  4. Misconceptie: werkelijke fabricagekosten van de afzet [euro/periode]
Faillissement
Rechterlijke uitspraak dat een ondernemer of onderneming heeft opgehouden te betalen. Vervolgens benoemt de rechter een curator om alle eigendommen (ook wel aangeduid als bezittingen door boekhouders of als vermogen door juristen) te verkopen ten einde de vorderingen op de onderneming (ook wel aangeduid als schulden door boekhouders, terwijl het eigenlijk om vreemd vermogen gaat) te kunnen afbetalen.

Fair value (Anglicisme)
  1. Onder fair value (reële waarde, marktwaarde) wordt verstaan het bedrag waarvoor een actief kan worden verhandeld of een verplichting kan worden afgewikkeld, tussen terzake goed geïnformeerde, tot een transactie bereid zijnde partijen, die onafhankelijk zijn (Raad voor de Jaarverslaggeving (RJ)) [euro/stuk]. {Externe Verslaggeving}.
    Dit is de belangrijkste stelselwijziging die via de IFRS-richtlijnen is doorgevoerd in de externe verslaggeving, zodat andere vormen om de actuele waarde van activa te benaderen, zoals de netto-vermogenswaarde, de vervangingswaarde, de bedrijfswaarde en de opbrengstwaarde niet langer binnen de richtlijnen vallen.
  2. Directe opbrengstwaarde minus de uitgaven noodzakelijk voor de verkoop (soms ten onrechte aangeduid als verkoopkosten) [euro/stuk].
Financieel actief
Volgens IAS 32 vallen onder een financieel actief:
  1. Liquide middelen op de balans;
  2. Een eigen-vermogen-instrument in een andere partij (bijv. aandelen)
  3. Recht om liquide middelen of een ander financieel actief van een andere partij te ontvangen (o.a. leningen en obligaties);
  4. Recht om financiële instrumenten met een andere partij te ruilen onder voorwaarden die potentieel voordelig zijn (valutaswaps of renteswaps).
Financiële instrumenten
  1. Posten op de debetzijde van de balans die onderdeel uitmaken van de liquide middelen: vorderingen, effecten en andere kortlopende waardepapieren alsmede derivaten die bedoeld zijn om risico’s af te dekken.
  2. Alle posten op de balans (debet en credit) die een recht of een verplichting vormen om liquide middelen te ontvangen of te leveren, dus inclusief debiteuren, crediteuren, beleggingen en verplichtingen {Financiering}.
  3. Alle posten op de balans (inclusief bijvoorbeeld langlopende hypotheken) waarover een onderneming financiële risico’s loopt, zoals krediet-, prijs-, valuta- en liquiditeitsrisico’s {Externe verslaglegging}.
  4. Volgens IAS39: een overeenkomst die leidt tot een financieel actief bij een partij en een financiële verplichting of een eigenvermogensinstrument bij een andere partij {Externe verslaglegging}.Volgens de internationale standaarden moeten alle posten waar een onderneming risico over loopt opgenomen worden op de balans zodat andere partijen op de hoogte zijn van deze risico’s.
Financiële vaste activa
Vaste activa die bestaan uit kapitaalgoederen, zoals deelnemingen in andere maatschappijen, aandelen en andere financiële vorderingen. Deze zijn bedoeld om zo mogelijk invloed uit te oefen in andere bedrijven. De term is wettelijk voorgeschreven voor BV’s en NV’s om hun balansposten te rubriceren {Externe Verslaggeving}. Zie ook: bedrijfseconomische-modellen.nl. De post staat naast de materiële vaste activa en de immateriële vaste activa. Naast de financiële vaste activa, kunnen er ook effecten op de balans staan onder de post vlottende activa.

Financiële verplichting
Volgens IAS 32 vallen onder een financiële verplichting:
  1. Verplichting om liquide middelen of een ander f inancieel actief aan een andere partij over te dragen
  2. Recht om financiële instrumenten met een andere partij te ruilen onder voorwaarden die potentieel nadelig zijn (valutaswaps of renteswaps).
Financier
Een persoon, bedrijf of organisatie die geld beschikbaar stelt om de financiering van een bedrijf te regelen en daarbij meer of minder inspraak krijgt in de bedrijfsvoering.

Financieren
  1. Aantrekken van vermogen (eigen vermogen en vreemd vermogen) om de beschikking te krijgen over de kapitaalgoederen die nodig zijn om een onderneming te leiden. Dat kan door een lening (van de bank of derden) of door krediet (van de leverancier) of door zelf geld beschikbaar te stellen in de vorm van eigen vermogen. Deze variant van financieren wordt ook wel ‘passieve financiering’ genoemd.
  2. Het verstrekken van vermogen aan derden door een ondernemer in het kader van de uitoefening van zijn bedrijf, bijvoorbeeld door goederen te leveren op krediet. Deze variant van financieren wordt ook wel ‘actieve financiering’ genoemd.
  3. Beschikbaar stellen van geld door derden aan een ondernemer in de vorm van vreemd vermogen of eigen vermogen op basis van inspraak in de bedrijfsvoering.
Financiering
  1. Het aantrekken van vreemd vermogen of het inzetten van eigen vermogen om de aanschaf van een of meer kapitaalgoederen mogelijk te maken.
  2. De wijze waarop het vermogen van een onderneming is opgebouwd met als doel om alle kapitaalgoederen te kunnen betalen op het moment dat dit vereist is.
  3. Subdiscipline binnen de bedrijfseconomie die zich bezig houdt met de wijze waarop bedrijven geld kunnen aantrekken om hun bedrijfsvoering te realiseren.
Fiscale balans
  1. Onderdeel van het fiscale jaarverslag van een BV of NV waarin een onderneming zijn belastingaangifte onderbouwt met een resultatenrekening en een balans zoals die volgens de richtlijnen van de fiscus opgesteld moet worden. In deze regels kunnen overheidsmaatregelen verwerkt zitten die de doelstellingen van het overheidsbeleid ondersteunen. Bijvoorbeeld vervroegde afschrijvingen om de investeringsactiviteiten te bevorderen. De fiscale balans staat naast de commerciële balans.
  2. Onderdeel van het jaarverslag van een eenmanszaak dat is opgesteld conform de regels van de fiscus, omdat de fiscus de belangrijkste instantie is voor wie het jaarverslag wordt uitgebracht. Dit verslag kan dan ook dienen als onderbouwing van een kredietaanvrage bij een bank.
Fiscale waarde
Waarde die roerende of onroerende goederen hebben op basis van de regels die door de fiscus gehanteerd worden. Zo kan de belastingdienst regels geven voor de mogelijke afschrijving op vaste activa waardoor de waarde van bijvoorbeeld een gebouw op de fiscale balans anders is dan op de commerciele balans.

Fonds
  1. Stichting die zich vooral richt op financiële zaken.
  2. Bedrijf dat aandelen naar de beurs brengt om het opgehaalde geld weer uit te zetten en daarvoor een lager dividend uitkeert, dan het zelf behaalt dankzij haar specialistische kennis. Dit soort fondsen heet voluit: beleggingsfonds.
Fondskoers
De koers van een beleggingsfonds, dus een fonds dat geld aantrekt van beleggers en dat weer uitzet in aandelen, obligaties of andere beleggingsobjecten.
 
Functie
Omschrijving van de rol of rollen die iemand moet uitoefenen binnen zijn aanstelling. Voor een functie kan een advertentietekst geschreven worden waarin de takenpakketten (dus rollen) van een persoon beschreven is. Voor een organisatie is een matrix op te stellen met op de ene as de rollen die vervuld moeten worden en op de andere as de functies die ingevuld worden met personen. In de velden staan dan de takenpakketten die enerzijds tot een bepaalde rol behoren en anderzijds binnen een functie vallen.

Functionele kosten
Uitsplitsing van de kosten naar hun functie in het bedrijfsproces: inkoop, productie, algemeen, verkoop. De categorie ‘algemeen’ is een restcategorie. Elke van deze groepen kosten kan weer opgebouwd zijn uit kostensoorten.

Fusie
Samenvoeging van twee bedrijven op basis van gelijkwaardigheid waarbij de directies van beide bedrijven gezamenlijk een nieuwe directie vormen. Bij ongelijkwaardigheid is sprake van overname.
Er zijn twee soorten fusies:
  • Aandelenfusie, waarbij ruil van aandelen plaats vindt waardoor de oude bedrijven als zelfstandige onderdelen voortbestaan.
  • Bedrijfsfusie, waarbij ruil of samenvoeging van activa en passiva plaats vindt.
     
Vakdidactische termen
Formule
Samenvatting van een bewerking, vorm gegeven in algemene termen. Het is een short-cut van het oplossingspad. De hele planning van de oplossing is overbodig geworden, omdat de bewerking al is uitgevoerd met parameters. Parameters zijn grootheden die nog geen waarde hebben, maar waar wel je wel mee kunt rekenen, bijv. REV = winst / gemiddeld eigen vermogen.

Toepassing van de formule betekent dat je alleen nog maar de parameters door de getallen hoeft te vervangen, zodat je met zo weinig mogelijk denkwerk en rekenwerk de uitkomst kunt vinden. Formules moet je je kant en klaar herinneren, of je moet ze reconstrueren aan de hand van een simpele set met getallen of enkele extreme waarden.

Functievoorschrift
Wiskundige omschrijving van het verband tussen een of meer gegevens (de x-waarde) en een afhankelijke variabele (de y-waarde). Er zijn veel standaard-typen:
- de relatie tussen x en y noemt men een rechte lijn;
- de relatie tussen x kwadraat en y noemt men een parabool;
- de relatie tussen 1/x en y noemt men een hyperbool;
- de relatie tussen x kwadraat en y kwadraat noemt men een ellips;
- in bijzondere gevallen (brandpunten vallen samen) is dit ook de relatie die men een cirkel noemt.
 
Fundamentele vraagstukken
Vraagstukken waarin de centrale grootheid optreedt als gevraagde grootheid, dus als grootheid waarvan de waarde berekend moet worden. Het gaat om vraagstukken die een fundamenteel probleem van een ondernemer behandelen, zoals de berekening van de nettowinst, de kostprijs of het uurtarief.

In het PAD van een fundamenteel vraagstuk staat de gevraagde grootheid aan de top. De analyse van het probleem loopt van boven naar beneden en de bewerking van beneden naar boven. Voorbeelden van deze berekeningen zijn te vinden via: www.bedrijfseconomische-modellen.nl.

Afkortingen
FASB (Anglicisme): Financial Accounting Standard Board
De toonaangevende instantie in het Verenigd Koninkrijk voor de externe verslaggeving. Zusterorganisatie van de ASB uit het Verenigd Koninkrijk en de IASB uit Europa (c.q. vasteland van Europa).

FIFO (Anglicisme): First In First Out
Een methode van voorraadregistratie waarbij de goederen waarvoor als eerste een factuur is ontvangen ook als eerste in de boeken komen te staan bij verkoop. Dit kan leiden tot verschillen tussen de economische voorraad en de technische voorraad, omdat vaak toch de exemplaren die het laatst binnengekomen zijn vooraan komen te staan in magazijn en als eerste worden uitgeleverd. Deze methode staat tegenover de LIFO-methode: Last In First Out.

FMS (Anglicisme): Flexible manufacturing system
Compleet systeem van door computers aangestuurde machines en robots om een reeks van gelijksoortige producten te kunnen plannen en maken. Het geheel van machines en mensen samen heet een FMS-cel.
 
Begin   |    Universiteit.nl   |    Onderwijsportaal.nl   |    Vacatures-in-het-onderwijs.nl
 
De bedoeling van deze website
Deze pagina is onderdeel van de website bedrijfseconomische-begrippen.nl. Dit is een website die gekoppeld is aan www.bedrijfseconomische-modellen.nl en geeft inzicht in de manier waarop economen werken met homoniemen, synoniemen en misconcepties. Vooral opgaven in bedrijfseconomische leerboeken bevatten vaak simpele en daardoor onjuiste begrippenstructuren. Het motto van deze site is dan ook: "Leren omgaan met slordig woordgebruik".

De site bedrijfseconomische-modellen.nl biedt een overzicht van fundamentele en consistente begrippenstructuren en relateert die aan subdisciplines in de bedrijfseconomie. Ook staan er complicaties vermeld die samenhangen met homoniemen en synoniemen die eigen zijn aan de taal. Economen zijn ze echter slecht bewust van die homoniemen en synoniemen, waardoor allerlei modellen door elkaar gehaald worden.

De site bedrijfseconomische-begrippen.nl is ook onderdeel van het Onderwijsportaal. Uitgangspunt van het onderwijsportaal is dat u sites rechtstreeks kunt benaderen door trefwoorden in te tikken met www. ervoor en .nl erachter. Vaak zijn er meer URL’s beschikbaar om een pagina te benaderen. Zo kunt u deze site niet alleen via www.bedrijfseconomische-begrippen.nl bereiken, maar ook via www.bedrijfseconomischebegrippen.nl.

Mocht u tips of hints hebben dan ontvangen wij die graag via webmaster onderwijsportaal
 
Copyright © 1998 by Stichting Onderwijsportaal, Adviesbureau CASA en anderen
Wij volgen het privacy-beleid van Google en zijn niet verantwoordelijk voor het selecteren van de advertenties in de Google vakken.
Registratienummer Adviesbureau CASA: KvK Rijnland: 28083873 / BTW NL0698.39.517.B01
Dossiernummer Stichting Onderwijsportaal: KvK Rijnland: 28092786 / BTW-nummer 8106.36.025
Webmaster: Fons Vernooij
Leveringsvoorwaarden: zie bijgaand document